Gratis verzending binnen Nederland bij bestellingen boven €200 Onafhankelijk labgetest · 99,9% zuiverheid · Geverifieerd door derden Discrete neutrale verpakking · Tracked levering

Peptiden en hart- en vaatonderzoek: de complete gids

Peptiden in hart- en vaatonderzoek: SS-31, TB-500, BPC-157, GLP-1-trials en natriuretische peptiden. Studies, cijfers en bewijsniveau per verbinding.

Peptiden en hart en bloedvaten: wat het onderzoek laat zien

Peptiden worden in hart- en vaatonderzoek vooral bestudeerd op drie fronten: de energiehuishouding van de hartspier (SS-31), herstel van weefsel en bloedvaten na schade (TB-500 en BPC-157), en cardiovasculaire uitkomsten in grote klinische trials met GLP-1-verbindingen zoals semaglutide en tirzepatide. In deze gids zetten we per verbinding de belangrijkste studies, onderzoeksmodellen en cijfers naast elkaar, steeds met bron. Alles op deze pagina is een literatuuroverzicht voor laboratoriumonderzoek, geen medisch advies.

Het hart is zelf al een peptidenfabriek. Lang voordat er synthetische research peptiden bestonden, ontdekten onderzoekers dat de hartboezems een hormoon afgeven dat bloeddruk en zoutbalans regelt. Die ontdekking uit 1981 opende een heel vakgebied. Daarom begint deze gids bij de peptiden die het lichaam zelf maakt, en gaat daarna door naar de verbindingen die in laboratoria en trials worden onderzocht. Bij elke verbinding staat eerlijk welk bewijsniveau er is: celkweek, proefdier of grote klinische uitkomstenstudie. Dat verschil is in dit veld groter dan in bijna elk ander onderzoeksgebied.

Twijfel je welke peptide bij jouw onderzoek past? Gebruik de gratis Peptidewijzer en vind in een paar stappen de research peptiden die bij jouw onderzoeksdoel worden bestudeerd.

In het kort: drie onderzoekslijnen

Wie de literatuur over peptiden en het hart- en vaatstelsel ordent, komt uit op drie duidelijk gescheiden lijnen. Ze verschillen in mechanisme, in onderzoeksmodel en vooral in hoe ver het bewijs is.

Onderzoekslijn Verbindingen Wat wordt bestudeerd Hoogste bewijsniveau
Mitochondriale functie van de hartspier SS-31 (elamipretide), MOTS-c Energieproductie en oxidatieve stress in hartspiercellen Kleine klinische studies (SS-31); observationeel bij MOTS-c
Weefsel- en vaatherstel na schade TB-500 / thymosine beta-4, BPC-157 Celmigratie, nieuwe bloedvaten, littekenvorming na infarct Proefdieronderzoek
Cardiovasculaire uitkomsten Semaglutide, liraglutide, tirzepatide Hartinfarct, beroerte en hartfalen in grote trials Gerandomiseerde uitkomstentrials met duizenden deelnemers

De peptiden die het hart en de vaten zelf regelen

Het cardiovasculaire systeem wordt voor een groot deel aangestuurd door lichaamseigen peptiden. Sommige verwijden de vaten, andere vernauwen ze. Het evenwicht daartussen is precies waar veel hartonderzoek over gaat, en het verklaart waarom peptiden in dit veld zo’n logische onderzoeksrichting zijn.

Peptide Ontdekt Gemaakt in Effect op vaten en hart
ANP (atriaal natriuretisch peptide) 1981, de Bold Hartboezems Verwijdt vaten, verhoogt zout- en vochtuitscheiding
BNP (B-type natriuretisch peptide) 1988, Sudoh Hartkamers Zelfde richting als ANP; gemeten als marker voor hartbelasting
Endotheline-1 1988, Yanagisawa Vaatwand (endotheel) Een van de sterkste bekende vaatvernauwers
Angiotensine II jaren 1940 tot 1950 Ontstaat in het bloed via het RAAS Vernauwt vaten, verhoogt bloeddruk
Adrenomedulline 1993, Kitamura Onder meer bijnier en vaatwand Verwijdt vaten
Apeline 1998, Tatemoto Onder meer hart en vaatwand Verwijdt vaten, versterkt hartspiercontractie in modellen

Endotheline-1 en angiotensine II worden in het laboratorium vaak juist gebruikt om schade op te wekken. Een muis die een paar weken angiotensine II krijgt toegediend ontwikkelt hoge bloeddruk en een verdikte hartspier. Dat model komt verderop terug, omdat het een van de belangrijkste SS-31-studies draagt.

Natriuretische peptiden: van ontdekking tot hartfalenonderzoek

De geschiedenis van ANP en BNP laat goed zien hoe lang de weg van een veelbelovend peptide naar een bewezen effect kan zijn. In 1981 spoot Adolfo de Bold een extract van rattenhartboezems in bij andere ratten en zag de urineproductie sterk stijgen. Dat was het begin.

Stap Jaar Wat er gebeurde Bron
Ontdekking 1981 Extract van hartboezems verhoogt zout- en vochtuitscheiding bij ratten de Bold e.a., Life Sciences 1981
Synthetisch BNP (nesiritide) 2001 In de VS toegelaten voor acuut hartfalen FDA-registratie
ASCEND-HF 2011 7.141 deelnemers; geen significant effect op overlijden of heropname O’Connor e.a., NEJM 2011
PARADIGM-HF 2014 8.442 deelnemers; remming van de afbraak van natriuretische peptiden (neprilysineremming) samen met valsartan gaf 20 procent minder cardiovasculaire sterfte of opname voor hartfalen dan enalapril McMurray e.a., NEJM 2014

De les uit deze reeks: het peptide zelf toedienen (nesiritide) bleek in de grote trial teleurstellend, terwijl het remmen van de afbraak van het lichaamseigen peptide wel een groot verschil maakte. Een werkzaam mechanisme in het lab vertaalt zich dus niet automatisch in een uitkomst. Dat principe geldt voor elke verbinding hieronder.

SS-31 (elamipretide): de mitochondriën van de hartspier

Hartspiercellen zitten vol mitochondriën, omdat het hart nooit stopt met pompen en dus continu energie nodig heeft. SS-31, ook bekend als elamipretide, Bendavia of MTP-131, is een klein synthetisch peptide van vier aminozuren dat zich hecht aan cardiolipine. Dat is een vetmolecuul in de binnenmembraan van mitochondriën dat de eiwitten van de energieproductie bij elkaar houdt. Het mechanisme lees je in detail in SS-31 en cardiolipine.

Studie Model Opzet Bevinding
Dai e.a., J Am Coll Cardiol 2011 Muis, angiotensine II-infusie SS-31 tijdens vier weken angiotensine II Minder verdikking van de hartspier en minder mitochondriale schade dan zonder SS-31
Sabbah e.a., Circ Heart Fail 2016 Hond met gevorderd hartfalen Drie maanden elamipretide tegenover placebo Betere pompfunctie van de linkerkamer en herstel van mitochondriale functie
Gibson e.a., Eur Heart J 2016 (EMBRACE STEMI) Mens, acuut hartinfarct tijdens dotterbehandeling Ongeveer 300 deelnemers, eenmalige infusie Geen kleiner infarct dan placebo
Daubert e.a., Circ Heart Fail 2017 Mens, hartfalen met verminderde ejectiefractie 36 deelnemers, eenmalige infusie Verkennende signalen in kamervolume bij de hoogste dosis; te klein voor conclusies
Thompson e.a., Genet Med 2021 (TAZPOWER) Mens, Barth-syndroom Kleine gerandomiseerde studie met open vervolg Gemengde resultaten in de geblindeerde fase, signalen in de open verlenging

Het Barth-syndroom is relevant omdat het een erfelijke stoornis in de aanmaak van cardiolipine is, met hartspierziekte als een van de kenmerken. Juist daar sluit het mechanisme van SS-31 het best aan. In september 2025 kreeg elamipretide in de Verenigde Staten een versnelde toelating voor het Barth-syndroom. Bij gewoon hartfalen en bij het acute infarct is het bewijs in mensen tot nu toe niet overtuigend.

SS-31 wordt vaak vergeleken met MOTS-c, omdat beide met mitochondriën te maken hebben. Het verschil is wezenlijk: SS-31 werkt structureel op de membraan, MOTS-c is een signaalmolecuul. Zie MOTS-c tegenover SS-31.

TB-500 en thymosine beta-4: herstel na een infarct

Thymosine beta-4 is een lichaamseigen eiwit van 43 aminozuren dat actine bindt, het eiwit waarmee cellen bewegen. Twee publicaties in Nature maakten het een van de best bekende verbindingen in hartherstelonderzoek. Belangrijk om te weten: TB-500 is niet het volledige thymosine beta-4, maar een synthetisch fragment rond het actinebindende deel (aminozuren 17 tot 23). De studies hieronder gebruikten het volledige eiwit. Resultaten zijn dus niet een-op-een over te zetten.

Studie Model Bevinding
Bock-Marquette e.a., Nature 2004 Muis, afgebonden kransslagader (infarct) Thymosine beta-4 bevorderde migratie en overleving van hartcellen; betere pompfunctie en kleiner litteken. Mechanisme via het enzym ILK
Smart e.a., Nature 2007 Muis, embryonaal en volwassen hart Thymosine beta-4 activeerde voorlopercellen in de buitenlaag van het hart (epicard) en de vorming van nieuwe bloedvaten
Smart e.a., Nature 2011 Muis, na voorbehandeling en infarct Een klein deel van de epicardcellen ontwikkelde zich tot nieuwe hartspiercellen, alleen na voorbehandeling met thymosine beta-4

Latere groepen konden de vorming van nieuwe hartspiercellen niet overal even sterk herhalen, en klinische studies bij het hart zijn er nauwelijks. Het blijft dus vooral proefdieronderzoek. Meer achtergrond in de TB-500 onderzoeksgids.

BPC-157 en de vorming van nieuwe bloedvaten

BPC-157 is een peptide van 15 aminozuren, afgeleid van een eiwit uit maagsap. In vaatonderzoek draait het om angiogenese: de groei van nieuwe bloedvaten vanuit bestaande. Dat is relevant bij doorbloedingsproblemen, bijvoorbeeld na het afsluiten van een slagader in een poot van een proefdier.

Studie Model Bevinding
Hsieh e.a., J Mol Med 2017 Rat, afgesloten beenslagader (hindlimb ischemie) Snellere herstel van doorbloeding en meer bloedvaten; meer activatie van de VEGF-receptor 2 in vaatcellen
Sikiric e.a., diverse publicaties 2010 tot 2022 Rat, diverse vaat- en stollingsmodellen Effecten op het stikstofmonoxidesysteem, op stolsels en op omleidingsvaten (collateralen)

Een eerlijke kanttekening hoort erbij: het grootste deel van het BPC-157-onderzoek komt van een onderzoeksgroep in Zagreb, en er zijn geen klinische hartstudies. Onafhankelijke herhaling is precies wat dit veld nog nodig heeft. Zie de BPC-157 onderzoeksgids voor het volledige overzicht. In combinatieonderzoek wordt BPC-157 vaak samen met TB-500 bestudeerd, zoals in de BPC-157 + TB-500 blend.

GLP-1-verbindingen en cardiovasculaire uitkomsten

Hier ligt het verreweg sterkste bewijs van deze hele gids. Sinds 2008 moeten nieuwe diabetesmiddelen in de VS aantonen dat ze het hart niet schaden. Daardoor zijn GLP-1-verbindingen getest in enorme uitkomstentrials, en verschillende daarvan lieten niet alleen veiligheid zien, maar ook minder hartinfarcten, beroertes en cardiovasculaire sterfte. Deze drie samen heten in trials MACE (major adverse cardiovascular events).

Trial Verbinding Deelnemers Populatie Uitkomst (MACE) Bron
LEADER Liraglutide 9.340 Type 2 diabetes met hoog risico 13 procent minder (HR 0,87) Marso e.a., NEJM 2016
SUSTAIN-6 Semaglutide (wekelijks) 3.297 Type 2 diabetes met hoog risico 26 procent minder (HR 0,74) Marso e.a., NEJM 2016
SELECT Semaglutide 2,4 mg 17.604 Overgewicht met hart- en vaatziekte, zonder diabetes 20 procent minder (HR 0,80) Lincoff e.a., NEJM 2023
SURPASS-CVOT Tirzepatide tegenover dulaglutide ruim 13.000 Type 2 diabetes met hart- en vaatziekte Niet onderdoend aan dulaglutide; topline gemeld in 2025 Eli Lilly, 2025
TRIUMPH-Outcomes Retatrutide loopt nog Overgewicht met hoog risico Nog geen resultaten Lopende trial

SELECT is de belangrijkste van deze reeks, omdat de deelnemers geen diabetes hadden. Daarmee liet de studie zien dat het effect op het hart niet alleen via de bloedsuiker loopt. De afname van MACE begon bovendien vroeg, al voordat het grootste deel van het gewichtsverlies was bereikt. Dat voedt de hypothese dat GLP-1-receptoren in vaatwand en hart een direct effect hebben, bijvoorbeeld op ontsteking.

Een belangrijk onderscheid: deze trials zijn gedaan met geregistreerde geneesmiddelen onder medisch toezicht. Research peptiden zoals semaglutide, tirzepatide en retatrutide zijn bedoeld voor laboratoriumonderzoek en zijn niet hetzelfde product. Voor de bijwerkingen in de trials, zie bijwerkingen van GLP-1-verbindingen in klinisch onderzoek. Een overzicht van de hele klasse staat in metabole GLP-1-peptiden.

Hartfalen met behouden ejectiefractie: STEP-HFpEF en SUMMIT

Hartfalen met behouden ejectiefractie (HFpEF) is de vorm waarbij het hart wel krachtig pompt, maar te stijf is om goed te vullen. Het komt veel voor bij mensen met overgewicht en was lang een gebied zonder goede behandelopties. Twee recente trials met incretineverbindingen hebben daar verandering in gebracht.

Trial Verbinding Deelnemers Duur Belangrijkste bevinding Bron
STEP-HFpEF Semaglutide 2,4 mg 529 52 weken Duidelijke verbetering in klachtenscore (KCCQ) en in loopafstand in zes minuten Kosiborod e.a., NEJM 2023
SUMMIT Tirzepatide 731 mediaan ongeveer 2 jaar 38 procent minder cardiovasculaire sterfte of verslechtering van hartfalen (HR 0,62) Packer e.a., NEJM 2025

SUMMIT is opvallend omdat het een harde uitkomst mat (sterfte of verslechtering) en geen klachtenscore. Het effect werd vooral gedreven door minder episodes van verslechterend hartfalen. Voor cardiovasculaire sterfte alleen was de studie te klein.

MOTS-c en de functie van de vaatwand

MOTS-c is een peptide van 16 aminozuren dat wordt gecodeerd in het DNA van de mitochondriën zelf. Lee en collega’s beschreven het in 2015 in Cell Metabolism als regulator van het spier- en glucosemetabolisme. Voor het hart- en vaatstelsel is het bewijs voorlopig observationeel: Qin en collega’s vonden in 2018 lagere MOTS-c-waarden in het bloed van mensen met een slecht werkende vaatwand van de kransslagaders. Een verband is nog geen oorzaak. Of MOTS-c de vaatwand beschermt of alleen een marker is, moet experimenteel onderzoek nog uitwijzen. Meer in de MOTS-c onderzoeksgids.

Vergelijkingsmatrix: alle verbindingen naast elkaar

Verbinding Aantal aminozuren Hoofdmechanisme Belangrijkste model Bewijsniveau hart en vaten
SS-31 4 Bindt cardiolipine in de mitochondriale binnenmembraan Angiotensine II-muis, hond met hartfalen Kleine klinische studies, wisselend
TB-500 7 (fragment van 43) Actinebinding, celmigratie, vaatvorming Muis met infarct Proefdier (met het volledige eiwit)
BPC-157 15 Angiogenese via VEGFR2, stikstofmonoxide Rat met afgesloten beenslagader Proefdier, vooral een onderzoeksgroep
Semaglutide 31 (gemodificeerd) GLP-1-receptor Uitkomstentrials bij mensen Sterk: SUSTAIN-6, SELECT, STEP-HFpEF
Tirzepatide 39 GIP- en GLP-1-receptor Uitkomstentrials bij mensen Sterk: SUMMIT; SURPASS-CVOT
Retatrutide 39 GIP-, GLP-1- en glucagonreceptor Fase 2 en 3, uitkomsten lopen Nog geen uitkomstendata
MOTS-c 16 Mitochondriaal signaalpeptide, AMPK Muis (metabool), observationeel bij mensen Associatie, geen experiment

Hoe sterk is het bewijs? De bewijsladder

In hartonderzoek is de afstand tussen een mooi resultaat in een kweekschaal en een aangetoond effect op sterfte groot. Deze ladder helpt om elke studie die je tegenkomt op de juiste plek te zetten.

Niveau Type onderzoek Wat het kan aantonen Voorbeeld uit deze gids
1 Celkweek (in vitro) Mechanisme in een gecontroleerde omgeving VEGFR2-activatie door BPC-157 in vaatcellen
2 Proefdier Effect in een volledig organisme, maar in een kunstmatig model Thymosine beta-4 na afgebonden kransslagader
3 Kleine klinische studie Veiligheid en eerste signalen in mensen Elamipretide bij 36 mensen met hartfalen
4 Grote gerandomiseerde studie op een tussenuitkomst Effect op klachten, functie of bloedwaarden STEP-HFpEF (klachtenscore en loopafstand)
5 Grote gerandomiseerde uitkomstentrial Effect op infarct, beroerte, sterfte SELECT, LEADER, SUMMIT

Tijdlijn: veertig jaar peptiden in hartonderzoek

Jaar Gebeurtenis
1981 De Bold ontdekt ANP in de hartboezems
1988 Ontdekking van endotheline-1 (Yanagisawa) en BNP (Sudoh)
1993 Ontdekking van adrenomedulline
1998 Ontdekking van apeline
2004 Thymosine beta-4 bevordert hartherstel bij muizen (Nature)
2007 Thymosine beta-4 activeert epicardiale voorlopercellen (Nature)
2011 SS-31 beschermt tegen angiotensine II-schade bij muizen; ASCEND-HF valt neutraal uit
2014 PARADIGM-HF: remming van neprilysine verlaagt sterfte bij hartfalen
2015 Beschrijving van MOTS-c
2016 LEADER en SUSTAIN-6: eerste GLP-1-verbindingen met minder MACE; EMBRACE STEMI neutraal
2017 BPC-157 en VEGFR2 in ischemiemodel bij ratten
2023 SELECT en STEP-HFpEF
2025 SUMMIT met tirzepatide; versnelde toelating van elamipretide voor Barth-syndroom in de VS

Onderzoeksmodellen in hart- en vaatonderzoek

Wie een studie leest, moet weten welk model er is gebruikt. Elk model bootst maar een deel van de echte ziekte na.

Model Wat het nabootst Gebruikt bij
Afbinden van de kransslagader (LAD-ligatie) Blijvend hartinfarct Thymosine beta-4
Ischemie gevolgd door reperfusie Infarct met heropenen van het vat, zoals bij dotteren SS-31
Langendorff geïsoleerd hart Hartfunctie buiten het lichaam, zonder zenuw- en hormooninvloed Mechanistisch werk met diverse peptiden
Angiotensine II-infusie Hoge bloeddruk en verdikte hartspier SS-31
Vernauwing van de aorta (TAC) Drukoverbelasting van de linkerkamer Hartfalenonderzoek algemeen
Afgesloten beenslagader (hindlimb ischemie) Doorbloedingstekort en vaatgroei BPC-157
Hartspiercellen uit stamcellen (hiPSC) Menselijke hartcellen in een kweekschaal Toxiciteit en mechanisme

Voor het rekenwerk rond concentraties in deze modellen is de peptide calculator handig.

Wat dit bewijs niet zegt

  • Een fragment is niet het volledige eiwit. De grote Nature-studies gebruikten thymosine beta-4, niet het TB-500-fragment.
  • Proefdierresultaten zijn geen klinische resultaten. Een afgebonden kransslagader bij een jonge, gezonde muis lijkt maar beperkt op een infarct bij een mens met jaren vaatziekte.
  • Een mechanisme is geen uitkomst. Nesiritide en EMBRACE STEMI laten zien dat een logisch werkingsmechanisme in een grote trial neutraal kan uitvallen.
  • Een geregistreerd geneesmiddel is geen research peptide. De GLP-1-trials gelden voor het geteste product, in de geteste dosis, onder medisch toezicht.
  • Een associatie is geen oorzaak. Lage MOTS-c-waarden bij slechte vaatfunctie bewijzen niet dat MOTS-c de vaten beschermt.

Veelgestelde vragen

Welke peptiden worden onderzocht voor hart en bloedvaten?

De belangrijkste zijn SS-31 (mitochondriale functie van de hartspier), TB-500 en thymosine beta-4 (herstel na infarct), BPC-157 (vorming van nieuwe bloedvaten), MOTS-c (vaatwandfunctie) en de GLP-1-verbindingen semaglutide, liraglutide en tirzepatide (cardiovasculaire uitkomsten in grote trials).

Welke peptide heeft het sterkste bewijs voor het hart?

GLP-1-verbindingen. Semaglutide verlaagde in de SELECT-trial met 17.604 deelnemers het aantal hartinfarcten, beroertes en cardiovasculaire sterfgevallen met 20 procent. Voor SS-31, TB-500 en BPC-157 is het bewijs veel beperkter.

Wat is SS-31 en wat doet het in hartonderzoek?

SS-31, ook elamipretide genoemd, is een peptide van vier aminozuren dat zich bindt aan cardiolipine in de binnenmembraan van mitochondriën. In muizen en honden verbeterde het de mitochondriale functie en de pompfunctie van het hart. In mensen met een acuut infarct gaf het geen kleiner infarct.

Is elamipretide goedgekeurd?

In september 2025 kreeg elamipretide in de Verenigde Staten een versnelde toelating voor het Barth-syndroom, een zeldzame erfelijke aandoening met hartspierziekte. Voor gewoon hartfalen is het niet toegelaten.

Is TB-500 hetzelfde als thymosine beta-4?

Nee. Thymosine beta-4 is een eiwit van 43 aminozuren. TB-500 is een synthetisch fragment rond het actinebindende deel. De bekende hartstudies in Nature zijn gedaan met het volledige eiwit.

Wat liet thymosine beta-4 zien na een hartinfarct?

Bij muizen met een afgebonden kransslagader bevorderde het de overleving en migratie van hartcellen, een betere pompfunctie en een kleiner litteken (Bock-Marquette, 2004). Later bleek het ook voorlopercellen in het epicard te activeren (Smart, 2007).

Wat doet BPC-157 met bloedvaten?

In ratten met een afgesloten beenslagader herstelde de doorbloeding sneller en ontstonden meer bloedvaten, met meer activatie van de VEGF-receptor 2 (Hsieh, 2017). Klinische hartstudies zijn er niet.

Waarom wordt BPC-157-onderzoek met voorzichtigheid gelezen?

Het grootste deel van de publicaties komt van een onderzoeksgroep, en onafhankelijke herhaling en studies bij mensen ontbreken grotendeels.

Wat is de SELECT-studie?

Een gerandomiseerde trial met 17.604 mensen met overgewicht en bestaande hart- en vaatziekte, zonder diabetes. Semaglutide 2,4 mg verlaagde het risico op een hartinfarct, beroerte of cardiovasculaire sterfte met 20 procent (Lincoff, NEJM 2023).

Werkt het hartvoordeel van GLP-1 alleen via gewichtsverlies?

Waarschijnlijk niet volledig. In SELECT begon het verschil al vroeg, voordat het meeste gewicht was verloren, en het effect leek niet sterk afhankelijk van de hoeveelheid gewichtsverlies. Directe effecten op vaatwand en ontsteking worden onderzocht.

Wat is MACE?

Major adverse cardiovascular events: de gecombineerde uitkomst van niet-fataal hartinfarct, niet-fatale beroerte en cardiovasculaire sterfte. Het is de standaarduitkomst in hartveiligheidstrials.

Wat liet de SUMMIT-trial zien?

Bij 731 mensen met hartfalen met behouden ejectiefractie en overgewicht gaf tirzepatide 38 procent minder cardiovasculaire sterfte of verslechtering van hartfalen (Packer, NEJM 2025).

Is er hartonderzoek met retatrutide?

De grote uitkomstentrial TRIUMPH-Outcomes loopt nog. Er zijn dus nog geen gegevens over hartinfarct, beroerte of sterfte.

Wat is het verschil tussen HFpEF en HFrEF?

Bij HFrEF pompt de linkerkamer te zwak (verminderde ejectiefractie). Bij HFpEF pompt hij voldoende maar is hij te stijf om goed te vullen (behouden ejectiefractie).

Wat zijn natriuretische peptiden?

Peptiden die het hart zelf afgeeft bij uitrekking van de wand, vooral ANP en BNP. Ze verwijden de vaten en verhogen de zout- en vochtuitscheiding. BNP wordt gemeten als marker voor de belasting van het hart.

Waarom viel nesiritide tegen?

In ASCEND-HF met 7.141 deelnemers verlaagde het niet significant het aantal sterfgevallen of heropnames. Het remmen van de afbraak van lichaamseigen natriuretische peptiden bleek in PARADIGM-HF wel effectief.

Is MOTS-c goed voor het hart?

Dat is niet aangetoond. Er is een associatie tussen lage MOTS-c-waarden en een slecht werkende vaatwand bij mensen, maar geen experimenteel bewijs dat MOTS-c de vaten beschermt.

Welke diermodellen worden gebruikt in hartonderzoek met peptiden?

Onder andere het afbinden van de kransslagader (infarct), ischemie met reperfusie, angiotensine II-infusie (hoge bloeddruk en verdikte hartspier), vernauwing van de aorta en het afsluiten van een beenslagader voor vaatgroei.

Zijn research peptiden hetzelfde als de geneesmiddelen uit de trials?

Nee. De trials zijn gedaan met geregistreerde geneesmiddelen onder medisch toezicht. Research peptiden zijn uitsluitend bedoeld voor laboratorium- en in-vitro onderzoek.

Hoe controleer je de kwaliteit van een research peptide voor hartonderzoek?

Kijk naar de HPLC-zuiverheid, de massaspectrometrische bevestiging van de identiteit en een certificaat van analyse per batch. Zonder die gegevens zijn resultaten niet te interpreteren.

Bestellen en bezorging in Nederland

Chempeptides verzendt vanuit Nederland naar alle provincies. Onderzoeksgroepen in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Leiden, Groningen, Nijmegen, Maastricht, Eindhoven, Delft en Wageningen ontvangen doorgaans binnen een tot twee werkdagen. Bestellingen die op werkdagen voor 12:00 uur binnenkomen gaan dezelfde dag de deur uit. Binnen Nederland is de verzending boven de 200 euro gratis, daaronder gelden de normale verzendtarieven. Van Noord-Holland en Zuid-Holland tot Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, Gelderland, Flevoland, Utrecht, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg: elke bestelling gaat met track and trace.

Bestellen en betalen binnen de EU

Verzending gaat naar alle EU-landen in neutrale, ongemarkeerde verpakking, met track and trace, en op verzoek gekoeld met cold packs. Buiten Nederland gelden altijd de normale verzendtarieven. Actuele kosten en levertijden staan op de verzendpagina.

Kwaliteitscriteria voor research grade

  • HPLC-zuiverheid van minimaal 99 procent, geverifieerd per batch
  • Massaspectrometrische bevestiging van de moleculaire identiteit
  • Certificaat van analyse beschikbaar bij elke bestelling
  • Verzegeld en batch-getraceerd, van productie tot aflevering
  • Gekoeld verzenden met cold packs mogelijk
  • Discrete verzending in neutrale verpakking

Hoe je een analysecertificaat leest, staat in een HPLC-rapport lezen. De resultaten per batch vind je op de pagina labresultaten.

Betalen met iDEAL of Wero bij Chempeptides

Betalen kan met iDEAL en met Wero, rechtstreeks vanuit je eigen bankomgeving. Je ziet het exacte bedrag en je ordernummer voordat je bevestigt, en de betaling wordt direct verwerkt zodat je bestelling nog dezelfde werkdag klaargemaakt kan worden. Voor onderzoeksgroepen die met een inkoopordernummer werken is facturatie op aanvraag mogelijk.

Conclusie

Peptiden spelen op drie manieren een rol in hart- en vaatonderzoek. Het lichaam regelt bloeddruk en vaatwijdte zelf met peptiden als ANP, BNP en endotheline-1. Synthetische research peptiden zoals SS-31, TB-500 en BPC-157 worden bestudeerd voor mitochondriale functie, herstel na een infarct en de groei van nieuwe bloedvaten, maar dat bewijs is vooral preklinisch. En GLP-1-verbindingen hebben in grote uitkomstentrials als SELECT, LEADER en SUMMIT laten zien dat ze het aantal cardiovasculaire gebeurtenissen verlagen. Wie dit veld onderzoekt, doet er goed aan elke studie eerst op de bewijsladder te plaatsen.

Bekijk het assortiment onderzoekspeptiden met certificaat van analyse per batch, bijvoorbeeld SS-31, TB-500, BPC-157 of MOTS-c. Alle producten op een rij, met prijs per mg, staan in het overzicht van alle research peptiden.

Twijfel je of heb je vragen over je gezondheid?Raadpleeg altijd betrouwbare medische bronnen of je huisarts.Thuisarts.nlApotheek.nl
Research disclaimer▾

Alle informatie op deze pagina is bedoeld voor laboratoriumonderzoek en in-vitro studies. Geen humane consumptie. Geen medische claims. Producten zijn niet goedgekeurd door EMA of FDA voor therapeutisch gebruik.

Research-grade materiaal bij Chempeptides

De meest gebruikte research peptiden uit onze catalogus:

Betalen met iDEAL of Wero. Verzending in discrete verpakking vanuit Nederland. Uitsluitend voor laboratorium- en onderzoeksdoeleinden.

Start je onderzoek

Ontdek onze catalogus